Participatiecoalitie maakt zichtbaar verschil in energietransitie

Participatiecoalitie maakt zichtbaar verschil in energietransitie

Impactanalyse 2025 onderstreept kracht van bewonersparticipatie

De energietransitie lukt alleen als iedereen kan meedoen. Dat is sinds 2019 de drijfveer van de Participatiecoalitie – en nu laat een onafhankelijke impactanalyse zien dat deze aanpak werkt.

Wat de impactanalyse laat zien

De analyse van Impact House (Grant Thornton) maakt duidelijk dat bewonersinitiatieven sterker zijn geworden, gemeenten beter samenwerken met inwoners en dat ook in beleid participatie steviger verankerd is. Bewoners komen vaker in actie, gemeenten waarderen initiatieven als volwaardige partners en ook landelijk groeit de erkenning van collectieve zeggenschap.

Blik op de toekomst

De onderzoekers zijn positief, maar benadrukken dat blijvende impact vraagt om vervolg: investeren in lokale slagkracht, meer inclusiviteit en continuïteit in beleid en middelen.

Bekijk de kern in één oogopslag

De belangrijkste bevindingen hebben we samengevat in een overzichtelijke visual. Die laat in één oogopslag zien hoe de Participatiecoalitie bijdraagt aan een rechtvaardige, inclusieve en democratische energietransitie.

Download hier de visual met de kernpunten van de impactanalyse.

download de totale rapportage van de impactanalyse van de Participatiecoalitie

Naam *(Vereist)
Hidden
Privacyvoorwaarden(Vereist)
Ik wil de nieuwsbrief

Grip krijgen op de interne organisatie van gemeenten

Grip krijgen op de interne organisatie van gemeenten

Leeuwarden, Rotterdam, Zaanstad en Boxtel en Sint-Michielsgestel zijn samen met Buurkracht alweer een dik jaar onderweg om op grote schaal structurele betrokkenheid van inwoners bij de energietransitie te organiseren. Inmiddels komen de buurtinitiatieven goed op gang. Rondom energiebesparing, maar bijvoorbeeld ook rondom vergroening, buurtzorg of mobiliteit. Want inwoners bepalen zelf waarmee ze eerst aan de slag gaan in hun buurt. En dan blijkt, zoals ook naar voren komt uit de nationale buurkracht monitor 2025, dat de interne organisatie van gemeenten vaak nog niet optimaal op samenwerking met inwoners ingericht is. Waar lopen gemeenten tegenaan en vooral: wat zijn hun oplossingen en aanbevelingen?

Ondanks de grote verschillen tussen de verschillende gemeenten die deelnemen aan het project, vertonen de hobbels die ze op hun pad tegenkomen, opvallende overeenkomsten. Dit zijn de meest voorkomende en waarschijnlijk herkenbare:

  • Complex speelveld. In de praktijk gebeurt er vaak op allerlei thema’s al veel in de wijken, en zeker in de grote gemeenten zijn daarbij al diverse partijen actief. Maar ook bij de minder grote gemeenten blijkt het speelveld behoorlijk complex. Wil je dan ook nog bewoners actief gaan betrekken bij de energietransitie, dan kan dit tot weerstand leiden. Bijvoorbeeld bij wijkregisseurs of bewonersorganisaties die bang zijn dat nieuwe initiatieven hún activiteiten gaan verdringen of doorkruisen. Dan is er lobbywerk nodig om hen ervan te overtuigen dat het ‘organiseren van buurkracht’ bestaande initiatieven juist kan versterken.
  • Oud zeer. Hoe soepel het ook loopt om inwoners te vinden die iets voor hun buurt willen doen en die bewoners bij elkaar te brengen, dat wil niet zeggen dat meteen alles op rolletjes gaat lopen. In verschillende gemeenten zien we dat als de buurtteams eenmaal aan het werk gaan, er vragen komen. Dan blijkt dat mensen eerder aan andere plannen gewerkt hebben met de gemeente en vervolgens nooit meer iets hebben gehoord. Dat er toch oud zeer zit dat nu een obstakel vormt. Ook dat vraagt om reparatiewerk. Bijvoorbeeld door, liefst met de verantwoordelijke wethouder erbij, in gesprek te gaan met die inwoners. Zo haal je de angel eruit en kun je met een schone lei beginnen en verder werken aan de vertrouwensband. Want vertrouwen is essentieel om vooruit te komen.
  • Moeizame interne processen. Wat opvalt is dat veel teams ervoor kiezen om eerst iets in de openbare ruimte aan te pakken: een speeltuin, een bloemenweide, meer groen. Logisch, want uit peilingen in de buurten blijkt dat vaak daar de meeste behoefte aan is, dat buurtgenoten daarop aanslaan. Maar voor dat soort initiatieven is de medewerking nodig van beheer en onderhoud, en daar beginnen lastige situaties te ontstaan. Want zij hebben hun handen al vol en dan betekenen die plannen waar bewoners enthousiast over zijn, alleen maar extra werk. Opnieuw is persoonlijk contact de beste ijsbreker: ga bij je collega’s langs, luister naar wat er bij hen speelt en wat ze allemaal op hun bord hebben, en kijk waar je samen toch nog een gaatje kunt vinden.
  • Verkokering. In het verlengde van de uitdagingen met beheer en onderhoud, of misschien wel aan de basis hiervan, ligt dat participatie in de meeste gemeentelijke organisaties wordt aangevlogen vanuit individuele beleidssectoren. Terwijl het dagelijks leven van mensen in wijken zich niet aan die hokjes houdt. Voor succesvolle participatie is dan ook afstemming nodig tussen afdelingen van gemeenten. Waar de trekkers dan vaak tegenaan lopen, is dat er discussies ontstaan over capaciteit, taakverdeling en budgetten. Waardoor de interne samenwerking stroever verloopt dan gehoopt. Een echt leerpunt uit het project: houd vooraf rekening met extra uren die nodig zijn van andere afdelingen. Probeer deze zo nauwkeurig mogelijk in te schatten. Betrek teamleiders en maak hier afspraken over met elkaar. En/of maak een apart potje participatie-uren en -budget.
  • Een hoog verloop binnen gemeenten. Dit speelt landelijk, en ook bij een paar gemeenten die meedoen aan het project zijn al wisselingen van de wacht geweest. Geen pré in een proces dat draait om vertrouwen en continuïteit. Hoe kun je dan de relatie bestendigen? De trekkers van het project zijn blij met de buurtbegeleiders van Buurkracht als vast aanspreekpunt voor de buurtteams én de gemeenten. Maar kijken ook naar andere manieren om voor de langere termijn meer continuïteit te waarborgen. Bijvoorbeeld door buurtteams te koppelen aan wijkmakelaars of -regisseurs. Een onderwerp dat in het tweede jaar van de samenwerking per gemeente verder uitgewerkt wordt.

Drie bonustips om je interne organisatie participatie-proof te maken

Voor elk obstakel waar gemeenten in dit project op stuiten, vinden ze samen met Buurkracht en de buurtteams ook wel weer een oplossing. Hier kunnen andere gemeenten hun voordeel mee doen. Net als met de algemene tips van Tom Tetteroo en Nessy Don Griot, projectleiders voor de gemeenten Boxtel en Sint-Michielsgestel, die we na afloop van de intervisiebijeenkomst spraken:

  • Reserveer een participatiepotje. Zoals gezegd: participatie houdt zich niet aan beleidssectoren. Wil je interne discussies voorkomen, zorg dan niet alleen dat je op voorhand in kaart hebt wat bewoners van verschillende afdelingen gaan vragen, maar ook dat hier een ‘neutraal’ budget voor beschikbaar is.
  • Stel een oliemannetje of -vrouwtje aan. Idealiter is er iemand in de organisatie die soepel verbindingen legt tussen afdelingen en zich binnen en buiten de organisatie beweegt om participatie te bevorderen. Iemand die drempels wegneemt bij collega’s die nog koudwatervrees hebben voor participatie. En zorgt dat bewoners geen last hebben van gemeentelijke structuren omdat ze een aanspreekpunt hebben bij de gemeente. Dit kan een participatiecoördinator zijn, maar ook een andere bevlogen medewerker.
  • Zet in op werkplezier. Als je energie wil losmaken bij inwoners, is het belangrijk dat je zelf ook die energie uitstraalt. Het kan alleen maar van twee kanten komen. Bovendien blijven medewerkers langer als ze plezier hebben in hun werk – zo kun je ook echt iets met bewoners opbouwen.

Meer weten?

Wil je meer weten of zelf ook opschalen en versnellen richting de energietransitie? Neem dan contact op met ben@buurkracht.nl.

Lees ook:

Op weg naar efficiënte participatie aanpak in de energietransitie
Menselijke energie in wijken in kaart gebracht
Gemeenten in gesprek over opschaling binnen de energietransitie
TU Delft neemt participatietraject onder de loep

Gemeenten in gesprek over participatie

Gemeenten in gesprek over participatie

Op 10 juli vond in Eindhoven een inspirerende regiobijeenkomst plaats waarin zeven gemeenten met elkaar in gesprek gingen over de samenwerking met bewonersinitiatieven, participatie en communicatie rondom duurzaamheid. Tijdens deze uitwisseling bleek dat er grote behoefte is om successen te delen en te leren van andere gemeenten.

Het belang van wederzijds begrip

Er werd gesproken over de resultaten van de nationale buurkracht monitor: het belang van vertrouwen en de kloof die bewoners ervaren ten opzichte van hun gemeente. Wantrouwen, onduidelijke communicatie en een gevoel van ‘over de schutting praten’ is binnen elke gemeente wel in meer of mindere mate herkenbaar. Hoe keer je het beeld bij bewoners dat participatie vooral eenrichtingsverkeer is: de gemeente heeft al een plan en vraagt enkel om instemming. Waarmee je voorkomt dat participeren wordt verward met informeren.

Iedereen is het eens over het belang van heldere verwachtingen. Laat als gemeente vooraf weten wat de speelruimte is en wat er met de input gebeurt. Transparantie over het proces schept vertrouwen en voorkomt frustratie.

Participatie vraagt tijd en ruimte

Een belangrijk knelpunt dat breed werd gedeeld is de factor tijd. Het kost simpelweg veel capaciteit om goed samen te werken met bewonersinitiatieven. De behoefte aan overzicht, structuur en een aanspreekpunt binnen de gemeente werd duidelijk genoemd. Daarnaast bleek er behoefte aan meer ‘luistermomenten’ zonder direct oplossingsgericht te denken. Juist het oprechte gesprek, óók over andere thema’s dan datgene waar je als gemeente in eerste instantie voor komt, blijkt cruciaal voor vertrouwen en verbinding.

Gezamenlijke energie en leerbereidheid

Niet alleen de uitdagingen werden besproken ook de goede ervaringen zijn gedeeld. Hierin kwam het belang van maatwerk, zichtbaarheid en het bouwen aan vertrouwen naar voren. Lastig hierbij is het durven loslaten en ruimte geven aan initiatieven met een eigen karakter. Het leverde interessante discussies op.

De bijeenkomst gaf blijk van een gedeeld gevoel van urgentie én bereidheid om samen te leren. Er was veel herkenning in de ervaringen en een duidelijk wens voor een vervolg. Gemeenten staan voor vergelijkbare uitdagingen, en kunnen daarbij veel van elkaar leren. Door open te delen, goede voorbeelden te verzamelen en samen het gesprek aan te gaan, kunnen we samen bewonersparticipatie stap voor stap versterken.

Ook iets voor jou? We nodigen je graag uit om hier samen over te praten. Ook voor gemeenten in Noord- en Midden-Nederland gaan we in het najaar bijeenkomsten organiseren. Meld je hier aan, dan houden we je op de hoogte!

meld je aan voor een regiobijeenkomst!

Naam(Vereist)

Groene daken: goed voor je huis, de buurt én het klimaat

Groene daken: goed voor je huis, de buurt én het klimaat

Een groen dak is meer dan een mooi stukje natuur op je dak. Het helpt tegen hitte, vangt regenwater op én zorgt voor meer leven in de buurt. Steeds meer bewoners ontdekken het en willen het samen aanpakken. In de wijk Ringoevers in Hillegom zijn inmiddels 21 woningen voorzien van groene daken. Maar ook in andere buurten en dorpen van Nederland zijn buurtteams bezig met de voorbereidingen van een groene daken-actie.

De voordelen van een groen dak

Een groen dak is een slimme, groene investering in de toekomst. En de voordelen zijn groot:

  • Het vangt regenwater op, waardoor het riool minder snel overbelast raakt bij stortbuien.
  • Het verhoogt de biodiversiteit, met ruimte voor bijen, vlinders en andere nuttige insecten.
  • En het verlengt de levensduur van je gewone dak, doordat het beter beschermd is tegen zon en regen.
  • Het kan verkoelend werken in de zomer, doordat het zonlicht reflecteert en warmte vasthoudt in de begroeiing.

Maar misschien wel het mooiste voordeel: een groen dak verbindt. Samen aan de slag gaan schept een band. Het is ook nog eens makkelijker én gezelliger.

Ringoevers als inspirerend voorbeeld

In Ringoevers (Hillegom) kwam het initiatief vanuit de buurt. Met hulp van de buurtverbinders, Dakvergroeners, de gemeente, het Hoogheemraadschap van Rijnland en Buurkracht werden de plannen werkelijkheid. Bewoners organiseerden alles zelf: van het enthousiasmeren van buren tot het gezamenlijk inkopen en aanleggen.

Ook groene daken in jouw buurt?

Sommige gemeenten en waterschappen geven subsidie voor de aanleg van groene daken. Kijk op de Groenesubsidiewijzer of er voor jou subsidie beschikbaar is voor een groen dak.

En heb je plannen om samen met je buren aan de slag te gaan met groene daken en kun je wel wat buurkracht gebruiken? We helpen je graag er een succes van te maken. Neem gerust contact met ons op.

Bewonersinitiatieven verdienen een structurele plek

Bewonersinitiatieven verdienen een structurele plek

“Bewonersinitiatieven vormen het vliegwiel van de energietransitie. Onze opdracht, én die van gemeenten, is dat vliegwiel te smeren, niet vast te houden.” Roel Woudstra, directeur van Buurkracht, blikt terug op het jaaroverzicht 2024 van de Participatiecoalitie.

Een stevig fundament, maar de lat ligt hoger

Het jaaroverzicht 2024 van de Participatiecoalitie laat zien dat de vijf partners: Buurkracht, HIER, Natuur en Milieufederaties, Energie Samen en LSA bewoners, hun positie als aanspreekpunt voor overheden hebben verstevigd. En dat ze in staat zijn om bewoners niet alleen te betrekken bij beleidsvorming, maar hen ook zélf het verschil laten maken in hun buurt of wijk.

Roel noemt dat bemoedigend, maar plaatst meteen een kanttekening: “Een stevige tafel is mooi, maar pas als er continu brood op ligt gaan mensen eraan zitten. We moeten het fundament nu benutten om bewonersinitiatieven stabiel te voeden met structuur, middelen en vertrouwen.”

Fijnmazigheid én effectiviteit

In 2024 slaagde de Participatiecoalitie erin om nationale programmalijnen (Aardgasvrije wijken en Regionale energie strategieën) via de netwerken van partners direct om te zetten in lokaal passende acties.

Roel ziet dit als een bevestiging van de Participatiecoalitie-filosofie: “Wij geloven in de kracht van bewoners die precies weten wat er leeft in hun straat. Maar fijnmazigheid is pas effectief als gemeenten meebewegen: denk mee, regel budget en blijf langere tijd aanwezig. Alleen dan groeit een losse (buurt)actie door tot een volwassen beweging.”

Lokale eigenaarschap

De resultaten laten zien hoe initiatieven ‘van onderop’ uitgroeien tot bredere bewegingen in de wijk. Niet alleen bestaande bewonersinitiatieven zijn versterkt, maar er ontstonden ook nieuwe initiatieven die voortkomen uit de kracht en betrokkenheid van bewoners zelf.

Roel onderbouwt dit met de praktijk: “In Bleskensgraaf zagen we eerder een dorpsteam uitgroeien tot energiecoöperatie. Dat lukte omdat de gemeente vanaf dag één vertrouwen gaf, maar óók duidelijke kaders bood. Werk echt sámen met een bewonersinitiatief. Dan ontstaat eigenaarschap en dát versnelt de energietransitie.”

Diversiteit en meerstemmigheid: participatie is geen ‘one size fits all’

De coalitie werkte in 2024 aan uiteenlopende thema’s, van aquathermische opslag tot een klusbrigade, en zocht bewust aansluiting bij ondervertegenwoordigde groepen.

Roel: “De energietransitie raakt iedereen, maar verduurzamen is een thema waar mensen niet altijd direct enthousiast van worden. Om de buurt in beweging te krijgen starten we bij Buurkracht vaak met een ander thema of een kleinere sociale actie, zoals afvalprikken, een warmte-wandeling of een regentonactie.”

Knelpunten: vertrouwen en voorspelbaarheid

De Participatiecoalitie signaleert dat langdurige samenwerking en bestuurlijke voorspelbaarheid randvoorwaardelijk zijn voor succes, maar nog onvoldoende geborgd.

Roel is duidelijk: “Vertrouwen is geen zachte factor, het is harde infrastructuur waar je serieus aan moet werken. Het komt te voet en gaat te paard. Zorg voor een duidelijk aanspreekpunt, stel een meerjarig participatiebudget beschikbaar en borg het in beleid.”

Wat betekent dit voor gemeenten?

De bevindingen uit het jaaroverzicht zijn te vertalen naar drie praktische lessen:

Les Wat gemeenten kunnen doen
Erken de volwassen rol van buurtinitiatieven Neem initiatieven op in formele uitvoeringsprogramma’s; zie hen als partner, niet als klankbord.
Investeer in proces-ondersteuning Reserveer een meerjarig participatiebudget en een vast ambtelijk aanspreekpunt.
Durf thema-overstijgend te werken Combineer klimaat, leefbaarheid, duurzaamheid gezondheid en zorg in één wijkagenda.

Roel vat samen: “Als gemeenten en buurteams elkaar vinden in gelijkwaardigheid, beleid én buurtkennis, wordt de energietransitie een gedeeld verhaal in plaats van een opgelegd script. Nu is het tijd om door te pakken. Wij blijven buurteams begeleiden tot ze zelfstandig draaien, maar vragen gemeenten om twee beloftes: wees voorspelbaar en wees present. Dat zorgt voor buurten waar de energietransitie dóór en mét bewoners vorm krijgt.”

Roel lacht: “En dan ontbreekt er in dit rijtje eigenlijk nog een hele belangrijke les. Maak gebruik van Participatiecoalitie en de verschillende expertises die de coalitiepartners hebben. Je hoeft het ‘vliegwiel’ namelijk niet zelf uit te vinden.”

Samen sturen op een rechtvaardige energietransitie

De kracht van de Participatiecoalitie zit in het verbinden van werelden die elkaar nodig hebben: lokaal initiatief en beleidspraktijk. Vanuit de overtuiging dat de energietransitie alleen slaagt als bewoners vanaf het begin kunnen meedenken, meebeslissen én meedoen, werken de coalitiepartners aan een democratisch, inclusief en gedragen proces. Of het nu gaat om de weg naar aardgasvrij, hernieuwbare opwek of klimaatadaptatie: het begint bij vertrouwen, lokale zeggenschap en maatwerk dat past bij de buurt. Juist in deze gezamenlijke beweging schuilt de sleutel tot een rechtvaardige transitie die niet over mensen heen, maar mét mensen wordt vormgegeven.

Verder lezen

Lees het jaaroverzicht van de Participatiecoalitie en download hier de Facts & Figures.

Jongeren organiseren het zélf in Rozenburg

Jongeren organiseren het zélf in Rozenburg

foto: Elke Slagt (midden) op werkbezoek bij Huis van de Wijk

In Rozenburg zijn Amy, Devon, Jordan en Laura zelf een initiatief gestart om leeftijdsgenoten bij elkaar te brengen. Niet alleen om samen leuke dingen te doen, maar ook om nieuwe leeftijdsgenoten te leren kennen. Hun missie? Meer ontmoeting en gezelligheid voor jongeren in het dorp, op een manier die bij hén past.

Samen met welzijnsorganisatie DIA Rozenburg, de gemeente Rotterdam en Buurkracht werken ze aan activiteiten die jongeren echt aanspreken. Denk aan een combinatie van gamen, samen eten en gewoon even lekker chillen. Amy verwoordt het treffend: “Samen kan je meer dan je denkt!”

Werkbezoek van Tweede Kamerlid

Het initiatief trok ook de aandacht van Den Haag. Tweede Kamerlid Elke Slagt kwam langs voor een werkbezoek. Ze ging in gesprek met de jongeren en betrokken organisaties. Er werden ervaringen gedeeld over wat er nodig is om bewoners en jongeren écht de ruimte te geven voor eigen initiatief. Elke Slagt was onder de indruk: “Zoals we in Rotterdam zeggen: niet lullen maar poetsen. Hou het simpel, werk met korte lijnen en vooral: doe het met plezier.”